Foto: Suzanne Valkenburg

De Beukenootjes Het is een kwestie van overleven hier - (131108 - eefje)

Eerste uitwerking van de gesprekken met 'De Beukenootjes'.

'Middenin de bosrijke omgeving van Roden is het genieten op deze ANWB sterren camping, vlakbij onze vermaarde grill- en partyboerderij. Gelegen naast moderne gem. zwembad, sportaccomodatie's, tennisbaan, manege en zeer uitgebreid fiets - en wandelpadennet.'
De website van de Grill- en Partijenboerderij & camping belooft niets teveel. De weg naar 't Beukenhof leidt langs idyllische veen- en weidelandschappen en schilderachtige dorpen. De brochurewijsheid 'de tijd lijkt hier te hebben stil gestaan' wordt door het Drentse landschap bewaarheid. Ontrokken aan het zicht van automobilisten ligt de inderdaad fraai gerestaureerde boerderij verscholen in het Hullenbos.
Aangrenzend ligt de sterrencamping. Maar die classificatie lijkt uit ver vervlogen tijden te stammen. Naast de entree staat een vervallen stacaravan overdwars, gekanteld op een omgeploegd grasveldje. De speelplaats ligt er verlaten bij, van een manege en zwembad is geen sprake. De verschoten kleuren van de ooit vrolijk geschilderde speelboom geven het geheel een treurige uitstraling.

Zoeken jullie iemand?
Een vrouw van tegen de zestig staat op het pad voor haar stacaravan. Ze kijkt ons onderzoekend aan. In de caravan aan de overkant van de onverharde weg gaat een gordijntje opzij en weer dicht. Een bezoek aan camping 't Beukenhof blijft niet lang onopgemerkt, iedereen kent elkaar hier. En iedereen is op zijn hoede voor vreemd bezoek, zeker sinds de bewoners met ontruiming bedreigd worden. Hoewel de prijslijsten van de camping nog op de site vermeld staan, komen er al tijden geen recreanten meer op 't Beukenhof. De laatste seizoensgast vertrok afgelopen jaar, alleen de vaste bewoners vertikken het hun caravans te verslepen. Ze verzetten zich met hand en tand tegen het besluit van eigenaar Cats om de camping aan de gemeente te verkopen.

Mevrouw Jelly Frieling is een van hen. 'Komen jullie maar even binnen, dan zal ik eens even vertellen wat hier aan de hand is,' zegt ze en gaat ons voor haar stacaravan in. Ze spreekt met heldere stem en onmiskenbaar Drents accent. Jelly is geboren en getogen in Roden, het dorpje om de hoek. Sinds acht jaar woont ze met haar man en twee van hun dochters op 't Beukenhof. 'Het is hier natuurlijk prachtig, we voelen ons vrij in de natuur. Het is hier ook knus, iedereen kent elkaar.' Ze wijst op haar geïmproviseerde veranda. 'Zomers zitten we alle dagen buiten. Iedereen komt dan voortdurend bij elkaar op bezoek om een praatje te maken.' Vanuit de kleine keuken, die van alle gemakken is voorzien, heeft Jelly uitzicht op de caravan van haar oudste dochter. 'Vorig jaar is ze gescheiden, nu woont ze daar alleen met haar zoontje van dertien.' Ze wijst naar de aangrenzende stacaravan. 'En daar woont Cor, ook een alleenstaande man. Hij werkt als vrachtwagenchauffeur en is er niet zo vaak. Maar als hij thuis is, heeft hij hier een sociaal leven. Als hij in een gewone wijk zou wonen zou dat nooit zo zijn,' vertelt Jelly.
Een hechte gemeenschap, zo omschrijft Jelly de ongeveer zestig vaste bewoners van 't Beukenhof. 'Mensen komen hier niet alleen omdat het een mooie plek is, het heeft ook met financiën te maken. Met eenzaamheid ook. Iedereen heeft hier een rugzakje. Maar we zorgen hier goed voor elkaar.'

Die gemeenschap dreigt nu uit elkaar te vallen. Eigenaar Cats heeft bij de verkoop van zijn land aan de gemeente de verplichting op zich genomen de camping leeg op te leveren. Daarom wil hij de vaste bewoners voor april 2009 kwijt. Een oplossing voor de bewoners is nog niet gevonden. 'We hebben het recht om hier te wonen,' zegt Jelly. 'Jarenlang heeft meneer Cats de bewoners uitgezogen, hoge huur gevangen zonder ook maar iets aan het onderhoud van de huurcaravans te doen. Nu het hem uitkomt kunnen wij ophoepelen. We kunnen nergens heen. De meeste mensen zijn werkeloos of arbeidsongeschikt, we leven van een minimale uitkering. Daarvan kun je nooit een normaal huis huren.'

Meneer Cats gaat volgens Jelly nietsontziend te werk. De uitbater zou de bewoners spookrekeningen sturen zodat ze als wanbetalers worden aangemerkt. Sinds een flinke aanvaring met dochter Thea weigert hij nog langer persoonlijk contact. Alle communicatie moet via brieven of fax lopen, maar niemand heeft een fax en op brieven antwoordt meneer Cats niet, vertelt Jelly. 'Hij sluipt hier ook 's nachts rond om af te luisteren bij de caravans. Toen er een keer middenin de nacht een caravan affikte, stond hij er binnen vijf minuten gekapt en geschoren bij. Dat is toch verdacht? Als ik hier rondloop en ik hoor geritsel achter me, dan draai ik me altijd direct om. Dan weet ik zeker dat hij achter me loopt of me in de bosjes zit te bespieden.'

De gemoederen zijn de laatste maanden hoog opgelopen. Ook de schietpartij van zomer 2008 wijdt Jelly aan de onzekere toekomst van de bewoners. Zondagavond tien augustus werd er tot twee keer toe op het campingterrein geschoten. Eén kogel ging door de wand van een caravan en eindigde in de televisie. Er vielen geen gewonden, twee mannen werden gearresteerd. De caravan bij de ingang blijkt van een van de betrokkenen te zijn. Wat de directe reden van de schietpartij vertelt Jelly niet, voor haar is de onzekere toekomst de achterliggende oorzaak. 'De situatie is momenteel heel gespannen,' zegt Jelly. 'Er zijn hier veel problemen met drugs en alcohol en dat wordt nu steeds erger. Mensen kunnen dit niet veel langer volhouden,'zegt Jelly.

Als een grote Amerikaanse slee de weg indraait staakt Jelly haar verhaal. Haar dochter Thea is terug van boodschappen doen. Jelly pakt direct de telefoon en sommeert haar langs te komen. Even later staat de kordate, breedgeschouderde vrouw in de keuken. Jelly wil niet op de foto en ons rondleiden over het terrein doet ze liever ook niet. 'Ik heb al genoeg met mijn hoofd in de krant gestaan, en wat levert het op? Alleen maar meer spanning.' Dochter Thea daarentegen is direct bereid als gids op te treden. 'Ik ben gek op kunst,' vertelt Thea als ze ons voorgaat naar buiten. 'Kennen jullie Ruigoord? Daar ga ik in keer in de maand met …, een jongen die hier verderop woont, naar toe. Rijden we er 's avonds met de Amerikaan naartoe en gaan dan door tot de volgende dag. Ouwe diesel noemt hij me.'

Buiten is het zachtjes gaan regenen en de onverharde weg tussen de dichtopeengepakte caravans verandert in een glibberig modderpad. Thea steekt een sigaret op. 'De Beukennootjes, zo noemen we onszelf,' zegt ze. 'We zijn heel hecht, houden elkaar in de gaten en zorgen voor elkaars veiligheid. Er wonen hier twee drugsverslaafden, heroïne en coke. Maar we laten die jongens niet links liggen, we proberen ze te helpen. De man van de gemeente zei: dat doe ik ook, een kopje koffie bij de buren. Maar dat is niet zo, dat is Pinocciopraat. Wij komen echt voor elkaar op. Daarom willen we ook bij elkaar blijven wonen.'

Rondlopend over het terrein vertelt Thea over haar buren. En over het rugzakje vol problemen die elk van hen met zich mee heeft gebracht. De alleenstaande vrachtwagenchauffeur, de gescheiden man die zijn kinderen eens in de maand in een aftandse caravan kan ontvangen, de psychotisch jongen van nummer…, de schizofrene vrouw achterop het terrein die haar huisje met dichte heggen aan het zicht heeft onttrokken. 'Hij ligt even niet zo goed in de groep na het schietincident,'vertelt ze bij caravan nummer… 'Die jongen die daar woont heeft psychische problemen en doet soms rare dingen. Die ligt ook even niet zo goed. Zijn troost vindt hij in reptielen, daar is hij gek op. Hij heeft net een nieuwe krokodil. Daar woont die jongen op wie geschoten is, die ligt ook even niet zo lekker. De jongen die schoot zit nog gevangen, zijn caravan is vorige week weggesleept,' vat Thea de onderlinge verhoudingen tussen de bewoners op.

Ondanks alle problemen op 't Beukenhof woont Thea er graag. 'Drieëntwintig jaar lang was ik een huismus, een net huisvrouwtje, dat alles voor haar man doet. Hij was altijd ziek, zwak en misselijk, dus ik werkte veel. Nu hij weg is heb ik mijn vrijheid herwonnen.' Drie jaar geleden kwam ze hier wonen met haar toenmalige echtgenoot. Ze zouden emigreren naar Zweden en woonden op 't Beukenhof om geld te sparen. Een jaar geleden heeft hij haar verlaten voor zijn halfzus. 'Mijn zoon ziet hem niet meer, die moet niets hebben van zijn nieuwe vriendin. En ik heb ook liever niet dat hij contact heeft, haar familie heeft een lange geschiedenis van alcohol en incest. Ik wil niet dat Matheus daar aan blootgesteld wordt.'

Thea zorgt nu alleen voor haar zoon, en voor haar neef van twintig. Door zijn overmatig hasjgebruik kan zijn moeder, Thea's zus Jeanette die ook op 't Beukenhof woont, hem niet meer thuis hebben. Thea zorgt niet alleen voor haar neef, samen met haar moeder werpt ze zich op als plaatselijke hulpverlener voor de bewoners. Elke vrijdag organiseren ze een bijeenkomst met maatschappelijk werkers. Ze helpen bewoners met financiële problemen, lossen onderling burenruzies op en proberen samen de harddrugsverslaafden naar de afkickkliniek te krijgen. Het liefst zouden Thea en Jelly van 't Beukenhof een noodopvang maken, maar hun voorstel werd door de gemeente afgewezen.

De Beukennootjes hebben ook een burgerwacht georganiseerd. En dat is absoluut noodzakelijk, vertelt Thea. 'Er wordt veel rotzooi getrapt. Hier achter in het bos en verderop bij de skateboardbaan zijn de hangplekken van de jongeren uit het dorp. Elke avond zitten ze daar speed te snuiven, ook waar jonge kinderen bij zijn. We hebben wel even laten weten dat dat niet kan.' De burgerwacht treedt ook op als er onenigheid tussen bewoners ontstaat, maar het schietincident konden ze niet voorkomen. Volgens Thea ontstond de ruzie over drugs en meisjes. 'Ken je clicks?' Pillen, legt Thea uit. 'Meisjes van veertien, vijftien jaar uit het dorp komen hier bij Andre langs voor de clicks. Ze zitten liever droog bij hem in de caravan dan in het bos, en ja daar doen ze dan soms wat voor. Hij is 37 en heeft een vriendin van zestien. Die meisjes spelen hier de hoer voor een paar pillen, maar niemand in het dorp gelooft het. Ze geven ons de schuld, terwijl het hun dochters zijn die hier problemen veroorzaken.' Omdat Thea oorspronkelijk uit Roden komt is zij vaak de bemiddelaar tussen de dorpelingen en de Beukennootjes. Die verhouding is, zeker na het schietincident, ernstig verstoord. 'Als we in het dorp komen heeft iedereen een groot vraagteken boven het hoofd. We hebben toch een stigma. Mij maakt het niet uit, maar mijn zoontje wordt op school aangekeken. “Dat is er een van de Beukenhof”, zeggen ze dan, dat is wel vervelend.' We lopen langs lege staplaatsen. Alleen het verschoten gras verraadt dat er tot voor kort een caravan stond. 'Er zijn al heel wat mensen weggegaan. Ze zijn bang voor Cats, voor de gemeente.' Thea staat stil bij een caravan met dichtgetrokken gordijnen, er hangt een te koop bordje voor het raam. 'Ook hij gaat weg, hij is bang. En de buren hebben hun caravan ook te koop gezet.' Ondanks de onzekere toekomst denkt Thea er niet over om te verhuizen. Ze voelt een grote verantwoordelijkheid naar haar buurtbewoners. 'Sommige mensen zijn zo bang voor de toekomst, die heb ik echt moeten beloven dat ik ze niet in de steek laat. Meneer Cats heeft gedreigd dat hij ons in april met derden van het terrein zal jagen als we dan niet weg zijn. Maar we geven ons niet zo maar gewonnen.' Terug bij het startpunt van de rondleiding nodigt Thea ons uit in haar stacaravan. Haar drie hondjes Femke, Boyey en ... komen vrolijk kwispelend aangesneld. 'Ik heb ze uit het asiel. Allemaal hebben ze wat. Deze is weggedaan, deze werd mishandeld, ook zij hebben een rugzakje,' vertelt Thea lachend.

De caravan is een joekel van een wagen met een grote woonkamer, slaapkamer, nette douche en toilet, kinderkamer en apart aangebouwde keuken. In de huiskamer staat de televisie aan. Er hangt een dikke hasj lucht. Haar zoontje Matheus is ziek en ligt met keelpijn en koorts op de bank onder een dik dekbed. Zijn schoolvriendje zit naast hem. Op de andere bank rolt zijn neef een joint.

'Je kunt kinderen maar beter leren wat er in de wereld te koop is dan ze ervoor proberen af te schermen,' zegt Thea als we met een glaasje fris in de keuken zitten. 'Matheus is dertien, is hij te jong om te weten wat drugs zijn? Als ik het niet vertel, komt hij er zelf wel achter door die rotzooi te proberen. Als ik naar dance festivals ga neem ik hem gewoon mee.'

Matheus knikt instemmend. 'Een van die mensen daar dacht dat ie een lieveheersbeestje zag, die was echt ver heen,' vertelt hij. Thea kijkt lachend naar haar zoon. 'Hij weet precies wat voor verschillende drugs mensen op hebben. Zegt ie: kijk mam die is aan de LSD.' Ook Matheus wil nooit meer weg van 't Beukenhof, vertelt hij. 'Het is hier veel vrijer dan waar dan ook. Andere kinderen die hier komen zeggen altijd dat ik veel meer mag. Zij moeten bijvoorbeeld om tien uur thuis zijn, maar ik kan om tien uur gewoon nog het bos in.'